‘Special schools, nice to have’

Door Sander Verheul
23 februari 2018

‘Special schools, nice to have’ (dixit Zijlstra)

Sander Verheul is bestuurder van de Leo Kanner Onderwijsgroep. Hij start vandaag de estafetteblog in het kader van de campagne Vuist voor VSO. In deze campagne trekken organisaties in het VSO met elkaar op om politieke aandacht te krijgen voor het speciaal onderwijs.

‘Tijdens een studiereis eind 2014 sprak ik als medewerker de Finse minister van Onderwijs. Het onderwijs daar staat stevig op de internationale kaart; vele onderwijsspecialisten, beleidsmakers en bestuurders komen naar Finland om te kijken, te ervaren en te leren. Elke dag weer busladingen vol Nederlandse onderwijsmensen.

De onderwijsminister uitte in een persoonlijk gesprek zijn zorgen over het ontstane beeld van het Finse onderwijs. Inclusief onderwijs is als basisideologie blijven hangen en dat was nooit de bedoeling. 

Onderwijsleiderschap

Het eigenlijke idee was om uit de Angelsaksische race te stappen van competitie tussen scholen en het schoolonafhankelijk testen van leerlingen. De ingezette ontwikkeling was gericht op professionalisering van het leerkrachtberoep (leraar is een aantrekkelijk beroep geworden in Finland), het ontwikkelen van onderwijsleiderschap en het teruggeven van vertrouwen aan leraren. 

Passend onderwijs

Ik begreep zijn zorg. Het werkt in Nederland niet anders, hield ik hem voor. Wij hebben sinds augustus 2014 passend onderwijs. Ik verkeerde lang in de veronderstelling dat het ging om een passende plek voor iedere leerling. Dat bleek naïef. De in oorsprong mooie gedachte ‘ieder kind een passende plek’ resulteerde al snel in ‘alle leerlingen in het regulier onderwijs’. Het speciaal onderwijs in Nederland heeft zich de afgelopen 20 jaar professioneel ontwikkeld. Van ‘bezigheidstherapie’ naar volwaardige lesprogramma’s. Vele uren en euro’s zijn geïnvesteerd in de ontwikkeling van het speciaal onderwijs en niet zonder resultaat. 

Speciaal onderwijs is net zo inclusief

Het speciaal onderwijs biedt tegenwoordig dezelfde onderwijsprogramma’s als reguliere scholen en zijn net zo inclusief of exclusief als het regulier onderwijs. Ze staan niet naast de maatschappij maar er middenin. Ze leveren een belangrijke bijdrage aan de toekomstige maatschappelijke deelname van leerlingen, die beter tot hun recht komen op een speciale lesplek. De Finse minister luisterde aandachtig. ‘Passend onderwijs’ bleek lastig uit leggen. De vertaling en implicatie riepen vragen op. ‘Dus het onderwijs in Nederland was voor 2014 niet passend?’

In 2016 werd ik als medewerker wederom uitgenodigd bij een internationale onderwijsconferentie in Finland. Daar ontmoette ik voor de tweede keer de minister van Onderwijs. Hij nam mij op de laatste dag mee naar een besloten bijeenkomst in een bijzondere iglo. Het was verrassend warm en er was veel eten en drinken. Ondanks dat ik wat achteraf zat, kon ik wel goed horen wat de Finse minister zei over de toekomst van het Finse onderwijs: ‘special schools, nice to have’.

Mocht ik ooit echt naar Finland gaan en de minister spreken dan zal ik hem meegeven hoe goed het speciaal onderwijs in Nederland functioneert. Zeg nooit nooit…...’

Tekent u mee?

Sander Verheul geeft het stokje over aan Els Westerhuis van Pleysier. Vindt u ook dat leraren in het speciaal onderwijs belangrijk zijn? Teken dan de petitie.

De handtekeningen zullen in het voorjaar aan de Tweede Kamercommissie Onderwijs worden aangeboden.

Praat mee

Wij vinden het leuk als je een reactie op onze berichten geeft.